About Johan Museeuw

Johan Museeuw, ook wel bekend als 'Leeuw van Vlaanderen "is een bekende Belgische professionele stadsfiets racter. Geboren in op 13 oktober 1965, begon hij zijn professionele racecarrière op 23-jarige leeftijd in 1988, voor de komende 16 jaar tot en met 2004 domineerde hij de wielersport. Hij trok in het voorjaar van 2004. Tijdens zijn 16 jaar carrière reed hij voor de volgende teams: ADRenting (1988-1989), Lotto (1990-1992), GB-MG (1993-1994), Mapei (1994-2000),Farm Frites (2001-2002) and Quick Step (2003-2004) Hij won de volgende grote evenementen: World Cycling Champion (1996), UCI Road World Cup (1995, 1996), Tour de France (2 stages), Ronde van Vlaanderen (1993, 1995, 1998), Paris-Roubaix (1996, 2000, 2002), Amstel Gold Race (1994), HEW Cyclassics (2002), Paris-Tours (1993), Züri-Metzgete (1991, 1995) En ook hij won de gouden medaille in 1996 in Lugano op de Elite Men's wegwedstrijd.

For Information in English, please click here.

Naam: Johan Museeuw
Nationaliteit: Belg
Woonplaats: Gistel (West-Vlaanderen)
Geboortedatum: 13 oktober 1965
Burgerlijke Staat: gehuwd met Véronique. Vader van Gianni en Stefano


 1. Vanaf welke gebeurtenis was je zeker dat je in het profwielrennen zou belanden?
Eigenlijk was ik het niet zeker dat ik in het profcircuit zou terechtkomen totdat het een feit was. Als amateur was ik zeker geen topper en moest ik toen ook nog meehelpen in de garage van mijn vader.
Tijdens het eerste jaar profrenner kon ik mij echter tijdens klassiekers tonen en behaalde enkele goeie uitslagen. Eddy Planckaert en Fons De Wolf kaartten dan ook regelmatig aan dat ik talent had. Vooral na de Ronde van Frankrijk had ik het gevoel dat ik het zou maken, maar ik had er toen nooit durven op hopen dat ik zo'n palmares zou behalen.


 2. Heb je tijdens de koers tijd om van het "decor" te genieten?
Ja, zeker en vast als het tempo niet te hoog ligt. Zeker in de bergen kan ik ongeloofelijk genieten van het decor. Vooral de Zwitserse bergen zijn prachtig.
In de finale is er daar echter geen tijd meer voor, want de concentratie moet dan uitermate hoog zijn om valpartijen, ... te vermijden.


 3. Van wie heb je tijdens de wedstrijd het meeste schrik en waarom?
Ik heb van niemand schrik. Want, een renner die schrik heeft, verliest al 10% van zijn capaciteiten. Ik heb liever dat andere renners schrik van mij hebben, het zijn zij die dan 10% verliezen, waardoor ik mij sterker voel. In sommige wedstrijden lukt dit, andere niet.


 4. Hoe is de sfeer tussen de renners na een wedstrijd? Heb je bijvoorbeeld contact met renners op café?
De sfeer tussen de renners is vrij goed. Vooral voor of na een wedstrijd. Met de ene renner heb je al meer contact dan met de andere.
Cafébezoek zit er nu en dan wel eens in. Vooral tijdens een kleine ronde gebeurd het wel eens dat we met de ploegmakkers in een café terechtkomen. Ook gebeurt het soms dat de renners na het eten blijven hangen in de lobby of de bar van het hotel. Versta mij echter niet verkeerd. Dit is meestal maar voor een half uurtje, want de meesten willen toch voor 23u in hun bed zitten. Tijdens zo een moment is het drinken van een tweetal pintjes geen schande.


 5. Heb je bepaalde rituelen voor je aan een wedstrijd begint?
Ja...maar ik kan dit nog niet meedelen. Na mijn actieve wielercarrière verschijnt er een boek met de titel Ook dit is Johan Museeuw. Daar zal ik uit de doeken doen wat voor ritueel dit is.
Het is een mooi ritueel waar ook een aantal leuke anekdotes aan verbonden zijn.


 6. Zijn de "grote" ronderenners bereid om een babbeltje te slaan tijden een wedstrijd of zonderen ze zich af?
Ronderenners of klassieke renners, groot of klein, in het wielermilieu is iedereen gelijk. De buitenwereld heeft daar soms een andere kijk op. Kijk bijvoorbeeld naar Lance Armstrong. Hij is ook maar een gewoon mens die nu en dan een grapje uithaalt of meelacht.


 7. Wat doe je tijdens periodes wanneer je niet moet trainen?
Om het kort te houden: totaal niets. Ik kom de fiets niet op! Deze winter heb ik een lange rustperiode van een maand genomen. Normaal neem ik twee weken verlof, maar op aanraden van iemand ben ik dit jaar wat langer aan de kant gebleven. Dit omdat het vorig jaar extreem hard was wegens mijn revalidatie.


 8. Wat is uw mooiste overwinning?
Moeilijk vraag moet ik zeggen. Ik heb er eigenlijk een paar. Wereldkampioen was altijd een grote droom en vooral omdat ik dacht dat ik het nooit zou worden. Ook mijn eerste winst in de Ronde van Vlaanderen was schitterend. Pas op, de andere twee waren ook fantastisch hé...Vooral omdat ik bij deze alleen aankwam. Maar de eerste keer de Ronde winnen heeft nog altijd een speciaal gevoel. Ook mijn tweede Parijs-Roubaix was fantastisch. De reden daarvoor hoef ik waarschijnlijk niet uit te leggen.
Maar als ik dan toch moet kiezen krijgt het WK toch een voorkeur.


 9. Stel: alle renners in het peloton spreken af om jou een wedstrijd te laten winnen. Welke wedstrijd zou dat dan moeten zijn? M.a.w. welke wedstrijd zou je graag nog op uw palmares bijschrijven?
Ik wil eerst zeggen dat er de dag van vandaag geen cadeautjes meer worden gegeven. Wielrennen is een té grote business geworden. Ik moet wel toegeven dat er vroeger wel eens een afspraak werd gemaakt, maar die tijd is voorbij.
Als ze dan toch afspreken dan zou ik kiezen voor Milaan - San Remo omdat mijn vrouw dat heel graag zou hebben.


10. Zijn er bepaalde renners die voor jou wat meer respect verdienen?
Zeker en vast, maar het is moeilijk om namen te noemen. Kijk, eigenlijk speelt de media hierin een grote rol. Je krijgt in het begin van je carrière een uitstraling mee die je blijft behouden tot je stopt. Ik krijg altijd het etiket opgeplakt dat ik een stille en introverte man ben, maar dat is niet zo. Maar, zo'n dingen heb je in iedere sporttak. De media maken een renner voor een stuk populair.


11. Wat ga je het meest missen aan het wielrennen wanneer je gestopt bent?
Vooral de wedstrijden en het winnen. Ook het pijn doen van andere renners. Met pijn doen bedoel ik wel fysiek hé. Ik zal het nog wel meemaken, maar dan wel op een andere manier die ik nu gewoon ben.


12. Wat is het grappigste wat je ooit hebt meegemaakt tijdens een wedstrijd?
Eigenlijk gebeuren er zo'n 4 of 5 grappige dingen per seizoen. Vooral Wilfried Peeters is daar goed in. Zo imiteert hij telkens een personage. Ik weet nog goed dat hij tijdens een wedstrijd een 80-jarige wielrenner nadeed. Dan rijdt hij naar voren en toont hij zijn improvisatie. Vooral de renners die niet weten wat Wilfried aan het doen is kijken nogal raar op!


13. Leer je nog altijd dingen bij?
Nog altijd. Ik heb altijd gezegd dat men nooit te jong is om te leren. Ik probeer zoveel mogelijk naar andere mensen te luisteren. Als iemand mij een bepaalde trainingswijze aanraad, dan ga ik die proberen en zien welk effect het op mij heeft. Gaat het beter? Slechter? Ook qua voeding luister ik naar verschillende mensen en pas mijn voedingsgewoonten zonodig aan. Ik ben nu 15 jaar prof en ik leer nog altijd bij.



Wat denk je bij het horen van volgende woorden:

1. Bier:  Meestal ga ik in de winter een pintje drinken met vrienden. Dan kan ik wel eens extreem doordrinken vooral tijdens ploegfeestjes.
2. Internet:  Voordat de website bestond, was dit voor mij totaal onbekend. Het laaste jaar is de interesse wel toegenomen. Daardoor dat ik dit jaar mijn volledige medewerking aan de site verleen.
3. Muziek:  Voor mij een ideale vorm van onspanning. Meestal beluister ik muziek in de hotelkamer. Vooral rustgevende muziek al kan een streepje harde muziek er ook wel tussenin. Dit hangt vooral van de prestatie af.
4. Sponsor:  de sponsor is dé baas. Daarom doe ik altijd mijn uiterste best om de sponsor tevreden te stellen. De sponsor spendeert elk jaar ettelijke miljoenen en zorgt ervoor dat een 80 tal mensen werk hebben.
5. Tour de France  Mooie momenten en ook heel veel moeilijke. De mooie momenten zijn mijn overwinningen op de Champs-Elysées en Mont Saint Michel, de twee ploegentijdritten, 15 dagen gele trui en 85 dagen groene trui zijn fantastisch. Mijn mindere momenten zijn vooral de jaren waar ik gestreefd heb om meer overwinningen te halen maar nooit lukte. Soms was dit wel frusterend.
6. Ploegmaat  Een ploegmaat is heilig. Ik heb altijd heel veel bewondering gehad voor mensen die zich volledig wegcijferden voor de kopman.
7. Doping  De laatste jaren is er heel veel over gezegd en geschreven geweest. Hopelijk zijn al die problemen nu achter de rug en kunnen we met een schone lei beginnen. Kijk, eigenlijk kan je doping vergelijken met belastingsontduiking. De kans dat er mensen naar doping grijpen blijft altijd bestaan.
8. Pers  De pers heb je nodig en de pers heeft ons nodig. Soms is de kritiek van de pers wat moeilijk om te aanvaarden, maar als ze terecht is kan ik het begrijpen. Als er leugens bij te pas komen is het echter anders...
9. Talent  Vroeger zei ik altijd dat ik geen talent had. Nu moet ik dit echter ontkennen. Zonder talent had ik nooit zo'n palmares bij elkaar kunnen krijgen en had ik nooit kunnen terugkomen van zo'n revalidaties.
10. Supporter  Ik heb nooit een supportersclub gehad. Ik weet supporters die al jaren meegaan en steeds op de koersen aanwezig zijn. Probleem is echter wel dat sommige grote renners zich wat van de buitenwereld afsluiten, maar als een supporter mij tegenhoud voor een handtekening zal ik dat nooit weigeren. Ik een praatje sla ik, in het mate van het mogelijke, niet af.